Het afgelopen jaar was ik minder zichtbaar. Niet omdat er niets te vertellen was, maar omdat mijn leven om vertraging en aandacht vroeg. Een ingrijpende periode maakte dat herstel voorrang kreeg. Vandaag wil ik voorzichtig woorden geven aan wat die tijd met mij heeft gedaan en wat eruit is gegroeid.
Een persoonlijk verhaal over kwetsbaarheid, herstel en betekenis
Tien jaar lang wist ik dat ik drager was van de CHEK2‑mutatie. Tien jaar lang leefde ik met een stille dreiging op de achtergrond. Niet dagelijks aanwezig, maar ook nooit helemaal weg. Ik ging verder met mijn leven, mijn gezin, mijn werk en mijn dromen. Ik stelde uit en probeerde vooral niet te lang stil te staan bij wat mij misschien te wachten stond.
Tot het moment waarop wegkijken geen optie meer was.
De bilaterale mastectomie en reconstructie veranderden mijn leven ingrijpend. Niet alleen lichamelijk, maar ook mentaal en emotioneel. Wat volgde, was een periode van verlies, confrontatie en herstel. En het bracht ook iets onverwachts: opluchting.
Voor het eerst in tien jaar voelde ik dat het zwaard van Damocles niet langer boven mijn hoofd hing.
Dat betekent niet dat alles voorbij is. Deze operatie wist de ervaring niet uit. Ze neemt niet alle angst weg, noch littekens, zichtbaar of onzichtbaar. Maar ze bracht wel iets terug wat ik lange tijd kwijt was: ruimte.
Ruimte om te ademen. Ruimte om stil te staan. Ruimte om opnieuw te voelen wat voor mij werkelijk belangrijk is.
Herstel als ontmoeting met mezelf
In de maanden na de operatie bepaalde mijn lichaam het tempo, het dwong me om stil te staan. Voor iemand die jarenlang gewend was om te zorgen, verantwoordelijkheid op te nemen en door te gaan, was dat misschien wel de grootste confrontatie.
“Niet plooien”, zei mijn vader vaak.
Jarenlang had die overtuiging me geholpen. Tot ik ontdekte dat er momenten zijn waarop niet doorgaan, maar stilstaan, de grootste vorm van moed vraagt.
Ik kwam mezelf tegen in de stilte. Niet de versie van mezelf die organiseert, funtioneert en draagt.
Ik leerde luisteren naar wat mijn lichaam nodig had. Ik zocht rust in muziek, ademhaling en kleine rituelen die mijn zenuwstelsel opnieuw veiligheid hielpen ervaren. Ik schreef. Ik las. Ik voelde. Ik huilde. Ik lachte.
Langzaam ontdekte ik dat vertragen geen zwakte was. Het werd een vorm van moed.
Ik begon ook scherper te zien welke verwachtingen echt van mij waren en welke ik jarenlang had meegedragen voor anderen. “Neen” zeggen voelde niet langer als tekortschieten, maar als zorg dragen voor mezelf.
De kracht van nabijheid
Ik had het geluk dat ik dit traject niet volledig alleen hoefde te dragen. De aanwezigheid van enkele bijzondere mensen maakte een wereld van verschil.
Wanneer ik terugkijk, voel ik vooral dankbaarheid voor de mensen die naast mij bleven staan.
Voor mijn partner en gezin, die ruimte gaven wanneer ik die nodig had en nabij waren wanneer woorden ontbraken.
Voor mijn familie, die verbonden bleef, ook vanop afstand.
Voor mijn vrienden, die niet speciaal oplossingen brachten, maar wel aanwezigheid.
Wat ik aan anderen meegaf, ging ik nu zelf toepassen
In mijn praktijk begeleid ik mensen rond stress, angst, trauma, verlies en herstel. Na mijn operatie besefte ik hoe anders kennis aanvoelt wanneer je haar zelf nodig hebt. Alles wat ik doorheen de jaren had geleerd en doorgegeven aan anderen, werd nu onderdeel van mijn eigen weg. De inzichten uit de polyvagaaltheorie, traumasensitief werken, lichaamsgerichte regulatie, journaling, ademhaling en mildheid naar mezelf toe, werden dagelijkse ankerpunten.
Niet omdat ze pijn wegnamen.
Wel omdat ze mij hielpen aanwezig te blijven bij wat er was.
Ik ontdekte opnieuw dat herstel ook vraagt om ruimte te maken voor wat gevoeld wil worden.
Een andere kijk op veerkracht
Vandaag betekent veerkracht voor mij iets anders dan vroeger.
Niet sterk zijn. Niet doorgaan. Niet alles alleen dragen.
Veerkracht is voor mij een zachte én stevige ruggengraat geworden. Het vermogen om mee te bewegen met wat het leven brengt zonder mezelf onderweg kwijt te raken.
Ik probeer niet langer voortdurend terug te keren naar wie ik vroeger was.
Stap voor stap leer ik thuiskomen bij wie ik vandaag ben.
Dat proces is niet altijd gemakkelijk. Dagen waarop ik veel kan en dagen waarop mijn lichaam of emoties andere plannen hebben. Ook dat hoort erbij.
Dankbaarheid
Mijn oprechte dank gaat uit naar de zorgverleners die mij begeleid hebben tijdens dit traject.
Aan UZ Brussel voor de deskundige en respectvolle zorg.
Aan Pajozorg voor de warme thuisverpleging die mij veiligheid, zorgzaamheid en menselijkheid liet ervaren.
En een bijzonder woord van dank aan Dr. Ayush Kapila. Niet alleen voor zijn chirurgische expertise, ook voor de manier waarop hij aanwezig was. Zijn betrokkenheid, luisterbereidheid en menselijke benadering gaven mij vertrouwen op momenten waarop ik dat hard nodig had.
Daar kijk ik nog steeds met grote dankbaarheid op terug.
Uit ervaring groeit betekenis
Wat deze ervaring mij vooral heeft geleerd, is hoe nauw medische zorg en psychosociaal herstel met elkaar verweven zijn.
Een operatie richt zich op het lichaam.
Herstel raakt de volledige mens.
Die overtuiging vormde mee de basis voor BorstKracht, het initiatief dat ik vanuit Praktijk Van den Brande ontwikkelde voor vrouwen die geconfronteerd worden met borstchirurgie, borstkanker of de psychosociale impact daarvan.
Als waardevolle aanvulling op medische zorg.
Een veilige plek waar ruimte mag zijn voor emoties, vragen, identiteit, relaties, lichaamsbeeld, verlies, hoop en veerkracht.
Omdat niemand enkel patiënt is.
Iedereen blijft bovenal mens.
Tot slot
Het zwaard van Damocles is weg.
De littekens blijven als herinnering aan een weg van moed, kwetsbaarheid en verandering.
Véronique Van den Brande




